over-mieke

Over Mieke

Openingswoord van Marijke Postma (kunstenares en therapeute) bij expositie Mieke Scholten en Henny van Daalen

1 december 2013

Galerie De Sleedoorn Zetten

Enkele weken geleden werd ik door Mieke en Henny gevraagd om hun tentoonstelling te openen. Mieke leerde ik kennen tijdens een gezamenlijke expositie in Soest en Henny tijdens beider bezoek op mijn atelier in Arnhem. Tijdens dit bezoek hebben we gesproken over mijn eigen beeldend werk en mijn achtergrond als Jungiaans Analytisch therapeut en in het verlengde daarvan over de diepere lagen in het werk van de kunstenaar. Wat veroorzaakt nu die drang tot het maken van kunst? Wat vertelt de kunstenaar onbewust over zichzelf in haar of zijn beelden. En bovenal, wat verbindt kunstenaars hierin met elkaar? Een gesprek dat veel indruk heeft gemaakt en Henny en Mieke nog bewuster naar hun eigen werk en zichzelf heeft laten kijken.

Op het eerste gezicht zie je in deze tentoonstelling het werk van twee totaal verschillende kunstenaars. Elk met hun eigen techniek en thema’s. Maar waarom exposeren ze samen en wat verbindt hen? Oppervlakkig gezien gaat het over vrouwfiguren, hoofden en gezichten vaak afwezig of deels verborgen onder hoofddeksels. Lichamen, letterlijk en figuurlijk, opgebouwd uit lappen klei en lapjes stof of kleding. Vrouwfiguren waarbij de kunstenaars het beeld van het persoonlijke lijken te willen overstijgen en op zoek zijn naar collectieve archetypische beelden. Collectieve beelden die hen verbinden met het vrouw-zijn en vrouwelijke in het algemeen. Beelden ook die sinds mensenheugenis in de ziel van ieder mens geschreven staan en met geen woorden, maar ogenschijnlijk wél in beeldtaal uitgedrukt kunnen worden. En precies hierin vind men de verwantschap tussen beide kunstenaars!

Henny creëert in haar schilderijen beelden die in kleurrijke tonen, laag over laag intuïtief vorm krijgen. De thema’s waardoor zij zich in haar laatste schilderijen laat inspireren tonen ons een persoonlijk proces. Godinnen vormen hier haar leidraad. De keuze van de Godinnen is niet toevallig, maar wordt, zoals ze vertelt, min of meer intuïtief gekozen. “Waar voel ik me verwant mee in deze fase van mijn leven?”, lijkt hierbij haar vraag te zijn. We herkennen de Godin Sofia, de Godin van de Logos, het Woord en de Wijsheid in meerdere werken. In veel schilderijen vinden we dan ook teksten terug. Teksten als mantra’s en bezweringen, die tegelijk de link zouden kunnen zijn naar de Godin Hekata. Zij is de Godin van de duistere maan en de personificatie van de wijze heks. Een wijze heks wel te verstaan, omringt door kikkers, slangen en honden, die verwijzen naar onze oeroude instincten en intuïtie, welke wij moeten omarmen en integreren. Hekate is degene die je kan begeleiden om als mens te kunnen transformeren en je helpen om door te groeien tot die mens die je in je diepste wezen bent. De link naar de volgende Godin die we in haar werk herkennen is dan ook snel gelegd. Hestia, de Godin van Huis en Haard. In psychologische zin kun je haar beschouwen als het thuiskomen bij jezelf.

In mijn gesprek met Mieke, geeft zij aan dat het boetseren met klei voor haar een manier is om als mens vorm te krijgen en te aarden. Zowel in de Bijbel als in de Koran, staat dat de eerste mens gemaakt werd uit klei; een meer aards materiaal om haar vrouwfiguren vorm te geven heeft Mieke dan ook niet kunnen kiezen! Letterlijk laag voor laag bouwt zij haar torso’s, maar ook haar schalen op. Het vrouwelijke staat in alle opzichten centraal. Zowel in de direct herkenbare vorm van haar beelden als in het vrouwelijke, ontvankelijke van de schalen. In het proces van het opbouwen in laagjes, schuwt zij de ruwe scheurranden van de lappen klei niet. Ze is er zelfs zuinig op.

Het vormgeven van de beelden zoals Mieke dit doet, lijkt hierin gelijk op te gaan met het leven zelf. Langzaam maar zeker en met veel geduld, krijgt het beeld vorm en de scheurranden, laat ik deze maar de littekens van het leven noemen, worden gekoesterd en maken het beeld juist uniek en persoonlijk. Zij worden met trots als sieraad gedragen.

In ons gesprek noemt zij als inspiratiebron de mannelijke hoofdpersoon Anjalis uit het boek “de Nachtwandelaar” van Marianne Fredriksson. Centraal thema in dit boek is de gelaagdheid van de mens en de zoektocht naar de innerlijke waarheid. Hoe mooi dit aansluit bij haar werk.
Mieke’s vrouwenbeelden vallen op door de afwezigheid van hoofden of juist het bedekken van hoofden of ogen. Daarentegen hebben de beelden organische uitgroeisels, die doen denken aan vleugels en ruggengraten.
De hoofddeksels bedekken de ogen en hebben een soort horentjes.
Ze doen me denken aan voelsprieten, maar ook aan de horentjes van een sater, in dit geval het wezen van een bok met een vrouwelijk bovenlichaam. Met deze associatie betreed ik tegelijkertijd ook hier het domein van de Hekate, de Wijze heks, waar we bij Henny”s werk al kennis mee hebben gemaakt. Ook Mieke is in de ban van deze Godin. Als een rasechte alchemist verzamelt, weegt en mengt zij haar glazuren in de hoop figuurlijk het goud te vinden. Het loslaten van de controle over dit proces vraagt ook hier om geduld en bovenal overgave.

Als zoals nu in deze tentoonstelling de kunstwerken dan uiteindelijk ten toon gesteld mogen worden, kan de kunstenaar in een andere omgeving dan dat van het atelier er soms letterlijk, maar zeker figuurlijk beter afstand van nemen en zich afvragen waar zij staat in haar ontwikkeling. En zo laten Mieke en Henny u hier nu hun beelden zien en wordt het hierbij ook publiek bezit.

Exposeren is daarom spannend en vreselijk tegelijk. Want als kunstenaar voel je dat je er meer inlegt dan je jezelf bewust bent. Onbewust laat je het diepste van je Ziel zien. Die wíl ook gezien worden, maar dit maakt ook tegelijkertijd dat je als kunstenaar zo kwetsbaar bent. Vermeende kritiek gaat dan over wie je in je diepste wezen bent!

Exposeren vereist dan ook moed en kwetsbaarheid.

Ik nodig u hierbij namens de kunstenaars dan ook graag uit hun werk met u te delen en open hierbij de tentoonstelling!